Luchtmachtbasis wordt economische hoogvlieger

Luchtmachtbasis wordt economische hoogvlieger

Hightech achter prikkeldraad

Een afgesloten technologiepark van zo’n 230 hectare voor geavanceerde bedrijven inclusief een start- en landingsbaan, 130 hectare vrij toegankelijk natuurgebied, een evenemententerrein van meer dan 50 hectare en woongebieden: de voormalige vliegbasis Twenthe bestaat tegenwoordig uit verschillende componenten. Een rondje langs de velden: hoe staat de vlag ervoor?

De entree naar Technology Base is nog weinig uitnodigend, met een slagboom en een beveiliger. En de  route  naar het projectbureau voert langs hekken met prikkeldraad en grijze bunkertjes inclusief schietgaten. Niet dat die worden bemand , maar van pottenkijkers houden ze hier niet. Dat afgeschermde karakter, erfenis van de oude Vliegbasis Twenthe, willen ze graag zo houden. Dat maakt het juist aantrekkelijk voor een bijzondere groep bedrijven. Overigens: er komt geautomatiseerde toegangscontrole.

Innovatieve, technologische bedrijvigheid

Een tiental firma’s heeft zich hier sinds enkele jaren gevestigd.  De meeste zitten  in de shelters, waarin vroeger de F16’s een bomvrij onderkomen vonden. Voor de liefhebbers: er zijn er nog zes vrij. Technology Base  past  de vliegtuigbunkers  aan  in overleg met de nieuwe huurders. Er zitten er nog wat in de pijplijn, zegt ontwikkel- en parkmanager Joep van Aaken. Hij wil er wel eentje noemen:  RE-liON, dat virtuele systemen en pakken vol sensoren ontwikkelt, waarmee bijvoorbeeld militairen en brandweerlieden kunnen trainen en testen. Dat past ook bij Twente Safety Campus, zegt Van Aaken. Deze zomer begint de uitbreiding van een shelter ten behoeve van de komst van RE-liON. Er staan ook grotere hangars, waar vliegtuigdemontage- en recyclingbedrijf AELS en Twente Safety Campus zijn te vinden.

Bedrijven die liever een nieuw complex wil bouwen zijn ook welkom op het ruim 220 hectare omvattende  terrein. Van Aaken: “We bieden kavels aan; nutsvoorzieningen en glasvezel liggen er al.” De prijzen zijn marktconform, maar  een ‘gewoon’ productiebedrijf maakt hier weinig kans.  Die zal zich hier trouwens ook niet thuis voelen, achter slagbomen en prikkeldraad.

Andere bedrijven stellen die beslotenheid juist wél op prijs, zoals drone-ontwikkelaar Space53, industrieel ontwerpbureau Dynteq, AELS, USE-System Engineering (‘baanbrekende totaaloplossingen voor signalering’, zoals op vliegvelden en boorplatforms),  KVE Composites Group, dat onder meer rotorbladen voor drones en heli’s ontwikkelt, en duikbotenbouwer Ortega - waarvan het voortbestaan hier overigens volstrekt onzeker is als gevolg van financiële problemen.

Van Aaken vindt dat er ‘megastappen’ zijn gemaakt sinds in 2015 het besluit viel om af te zien van het plan voor een compacte commerciële luchthaven en Technology Base te ontwikkelen. “We worden benaderd, we gaan zelf eens praten en we betrekken de hier gevestigde partners erbij met hun  netwerken.” Zo moet er een ‘ecosysteem’ van innovatieve, technologische bedrijvigheid ontstaan.

Er zijn drie van zulke hoogtechnologische toplocaties in Twente, de andere twee zijn Kennispark Twente in Enschede en High Tech Systems Park in Hengelo, met Thales Nederland als bekendste bewoner. Maar het zijn geen concurrenten van elkaar, benadrukt Van Aaken.  “We spreken elkaar regelmatig, niemand maakt zich zorgen dat we elkaar in het vaarwater zitten. Elke locatie heeft z’n eigen aantrekkingskracht en samen zetten we de regio op de kaart.”

Even leek Technology Base een gigantische slag te slaan met de komst van een research & development-campus van batterijenbouwer Lithium Werks, goed voor ruim 2.000 hoogwaardige arbeidsplaatsen. Maar het feest ging niet door. “Het was een korte en heftige episode. Jammer.” Toch zegt Van Aaken er ook een positief gevoel aan over te houden, want de keuze voor Technology Base van initiatiefnemer Kees Koolen onderstreept volgens hem de sterke punten van dit bedrijvenpark: de nabijheid van de UT en kennisinstellingen, de aanwezigheid van veel hoogopgeleid technologisch personeel, de innovatieve bedrijvigheid en de bouwrijpe grond. “Als er morgen  weer zo’n dossier speelt, is er opnieuw een kans om daar invulling aan te geven.”

Business-jets, luchtvracht, vliegtuig-restaurant

Twente Airport verwelkomt steeds meer business-jets, en nu wil een bedrijf, dat met twee van zulke snelle machines opereert, zich hier ook vestigen. “Na de zomerperiode beginnen we met de bouw van een hal, waarin drie van zulke vliegtuigen een plek kunnen krijgen”, zegt directeur Airport Twente Meiltje de Groot. Er is dus nog ruimte voor één zakenkist.

Business-jets passen bij een luchthaven als deze. Maar met enige regelmaat landen hier, doorgaans onder grote belangstelling, ook de echt grote machines, zoals de Boeing 747 of de Airbus A340. De baan is er, met ruim drie kilometer, lang genoeg voor. Ze vliegen echter nooit door; ze hebben hun laatste vlucht gemaakt, AELS demonteert ze voor het hergebruik van de onderdelen. Als het aan De Groot ligt is er straks een exemplaar bij dat niét wordt gesloopt. Dat vliegtuig, een 747 of een A340, krijgt dan een bijzondere bestemming: een tweede leven als restaurant. “We willen een kist kopen van AELS en we zoeken een partij die het project wil financieren en een exploitant vindt voor het restaurant.” Inmiddels loopt de procedure voor de vergunningen. “Iedereen is heel enthousiast over het idee”, constateert ze. Het vliegtuig-restaurant is bedoeld voor medewerkers en gasten van Technology Base én voor bezoekers ‘van buiten.’ De locatie staat nog niet vast, maar een mogelijkheid is bij de entree van Technology Base, waarvan Twente Airport een onderdeel is.

Wat De Groot betreft zien bezoekers straks vanaf hun restauranttafeltje met enige regelmaat vliegtuigen starten en landen, waaronder af en toe een vrachtvliegtuig. Want luchtvracht moet ook een peiler worden onder de luchthaven. Inmiddels wordt onderzocht welke bedrijven belangstelling hebben. “We richten ons eveneens op niche-markten, zoals het vervoer van paarden. Als het maar gaat om de meerwaarde voor de regio. We willen geen vracht van Schiphol overnemen en we willen ook geen nachtvluchten.” Die zijn trouwens ook niet toegestaan, zegt ze erbij.

Een ander plan is het vliegtuig-onderhoud. “Dat past ook goed bij de high-tech systems en materials, die de regio hier graag ziet.” Het is een kansrijke missie, volgens haar: “Andere luchthavens hebben te weinig capaciteit voor onderhoud, de markt staat onder druk. En wij hebben die lange landingsbaan!” De Groot constateert dat veel partijen interesse hebben.

De plannen betekenen wel dat er een adequate verkeersleiding moet komen. Nu kan er alleen bij goed zicht worden gevlogen en daarvoor zijn geen verkeersleiders nodig. Maar bij slecht zicht en in het donker zijn die specialisten wél noodzakelijk. De Groot denkt aan een systeem, waarbij verkeersleiders op afroep beschikbaar zijn. Bakens zijn niet meer nodig, zegt ze, de toekomst is aan de satellietnavigatie. “En dat scheelt ook veel geld!”

Ze is ook directeur van vliegveld Teuge, maar voor een hechte samenwerking verschillen deze luchthavens te veel van elkaar. “We werken wel samen op het gebied van personele inzet en we maken gebruik van elkaars spullen”, zegt ze. En er is regelmatig overleg met luchthaven FMO: “We kijken hoe we elkaar kunnen versterken. Zij de passagiers, wij andere vormen van vliegen, maar uiteindelijk bepaalt de markt dat grotendeels.”

Festivalterrein tussen Randstad en Ruhrgebied

Zijn laatste aankoop is een terrein van zes hectare met het oude terminalgebouw van de voormalige Luchthaven Twente bij de Deventerpoort. De nieuwe werknaam is The Gate. De oude terminal en het bedrijfsverzamelgebouw blijven staan, maar Jan van Eck houdt de kaarten nog even voor de borst bij de vraag wat hij daarmee wil. Er is nog tijd om daarover na te denken, meldt hij. “Het wordt pas in januari opgeleverd.”

De familie Van Eck heeft met Vliegveld Twenthe Evenementenlocatie (VTE) 53 hectare van de vroegere vliegbasis in bezit, inclusief een grote verzameling bunkers, gebouwen en een verkeerstoren. Neem De Strip, een kilometer lange weg met daarlangs die verkeerstoren en acht oude F-16-shelters. Geschikt voor allerlei evenementen en grote festivals. En neem de enorme Hangar 11, de vroegere onderhoudshal van de straaljagers, met een oppervlakte van zo’n 10.000 vierkante meter. En nu komt ook het stuk met de vroegere civiele luchthaven erbij. Er zal wel weer een restaurant komen en er wordt ook overlegd over een ‘school van de toekomst’,  wil commercieel directeur Marten Foppen van VTE nog wel kwijt. Meer details komen vooralsnog niet over de tafel. “Maar de term ‘organische ontwikkeling’ past wel bij ons. Niet slopen, maar gebouwen hergebruiken en hun identiteit behouden met ons eigen sausje erover.”

Van Eck wil, zegt hij zelf, ‘kampioen circulaire economie’ worden en ziet zich als ‘rentmeester’ van het terrein. Hij weet in elk geval hoe je oude complexen nieuw leven moet inblazen, dat heeft hij met Defabrique in Maarssen laten zien; een bijna honderd jaar oude lijnolie- en veevoederfabriek, die hij en z’n vrouw Krijnie ombouwden tot een bekende evenementenlocatie.

De inwoner van Maarssen was nog nooit in Twente geweest, totdat de familie vier jaar geleden eigenaar werd van die vele hectares met groen, wegen, taxibanen en bunkers. Festivals, evenementen, vergaderingen, alles kan hier. “Alleen niet racen, crossen en scheuren”, vat Foppen kort samen wat er níet kan.

Over een decentrale ligging wil Van Eck niets horen. “Enschede kan nou wel op het randje van Nederland liggen, maar het ligt zéér centraal in Europa, tussen de Randstad en het Ruhrgebied, en tussen Londen en Berlijn!” En liefhebbers van muziekfestivals kijken niet op een paar kilometer, weet hij.  Ja, hij kent het verhaal dat de afstand vanaf de Randstad naar Twente langer is dan andersom. Maar jongeren denken anders, verzekert Van Eck.

Hij heeft een stille wens, namelijk ooit nog eens een optreden van Helene Fischer. Het zal in elk geval niet aan de capaciteit liggen. Er passen wel veertigduizend bezoekers op de Strip, zegt hij. Het Airforce Festival trok vorig jaar ruim tienduizend bezoekers en kan dus nog stevig doorgroeien. Begin augustus is de nieuwe editie. “We hebben er nu voor het eerst een camping bij voor duizend man”, zegt Foppen. Producties als Hanna van Hendrik in en bij Hangar 11 helpen ook om de oude vliegbasis op de kaart te zetten.

Volgens Foppen is er een goede relatie met de noabers, maar er loopt nog een bodemprocedure van StiL, de Stichting Lonnekerberg en omgeving, tegen het bestemmingsplan. Van Eck: “Eigenlijk liggen er maar drie dwars. Maar we hebben zo’n zesduizend pagina’s aan onderzoeksrapporten liggen, we hebben zo’n beetje alle bekende ingenieurs- en milieubureaus ingeschakeld. ”

En wanneer wordt het break-even-point bereikt? Jan van Eck haalt z’n schouders op: “Het maakt me niks uit om in het rood te staan. Dan erven de kinderen gewoon wat minder. Als ik het voor de poen zou hebben gedaan, dan had ik het hier meteen kunnen doorverkopen. Maar dat geeft geen voldoening.” Marten Foppen: “Het type ondernemers zoals Jan moet je koesteren. Iemand met een lange adem, het lef, de tijd en de ballen om dit stuk vliegbasis te restaureren. Dan is winstgevendheid geen doel maar een gevolg van de unieke dingen die we hier doen.”

>
>
>
Eurorisk
TOM's Business Blow Out
Aysay
ROZgroep
Van Deinse Medianieuw
Boers & Lem
Jongbloed