Sander Schimmelpenninck

Sander Schimmelpenninck

“Ik wil niet in een hokje gestopt worden”

Zoals het er nu uitziet zal Sander Schimmelpenninck over twee jaar niet bijtekenen als hoofdredacteur van Quote. Dat de Tukker zich vervolgens op Twentse grond terugtrekt achter de hoge poort van het familieslot Nijenhuis in Diepenheim lijkt onwaarschijnlijk. Zweden, vanwege zijn vriendin, en Kroatië, vanwege zijn vastgoedaspiraties, maken een grotere kans. Over middenklasse en elite, vermogensongelijkheid, ondernemen, de treurnis van de millenial en, nou vooruit dan, Quote en Kelder.

In tegenstelling tot de traditie binnen het geslacht Schimmelpenninck kiest Sander Schimmelpenninck nou eens niet voor Leiden om rechten te studeren maar voor Rotterdam: “Mijn hele familie ging altijd naar Leiden. Ik vond het te bekakt en te braaf. Over Rotterdam hoorde ik goede verhalen: een ondernemende stad, een economische stad. En Amsterdam, tja daar kom je vroeg of laat toch terecht.” Dat heeft hij goed want na zijn studie gaat de adellijke Diepenheimer aan het werk op de Zuidas bij mergers en acquistions-kantoor Houthoff Buruma. “Mergers en acquistions, dat is de coolste league binnen de advocatuur maar ik vond het vreselijk. Je hebt niet het overzicht en bent alleen maar met details bezig. Niet leuk. Ik moet ook erkennen dat ik gewoon geen advocaat ben. Ik ben niet geïnteresseerd in specialistische oplossingen voor een probleempje. Trouwens, uit studietesten op de middelbare school kwam rechten niet voor. Internationale bedrijfskunde wel. Maar dat werd in de familie niet als een serieuze studie gezien. Rechten is een soort van heiligdom en ondernemerschap zit er voor geen meter in binnen mijn familie. Generaties lang allemaal keurige bestuurders en advocaten. Niet dat ik een buitenbeentje ben maar wel iets minder conformistisch dan de generaties voor mij.”

Het non-conformisme en de ondernemersdrift moeten tot enig afgrijzen hebben geleid: met zijn vriend Jaap Reesema begint hij namelijk een pizzeria in Amsterdam. Aanvankelijk succesvol, er komt zelfs een tweede filiaal, maar Reesema, man van Kim Kötter, ziet meer heil in zingen dan deeg. “Er kwam toen teveel op mijn schouders, ook omdat ik meer wilde schrijven. We hebben het verkocht. Het was trouwens best succesvol; we roepen zelf altijd vol zelfbeklag dat het een mislukking was, maar dat viel wel mee.”

Walhalla

Het schrijven zit er al jong in. Op de middelbare school, eerst de Bataafse Kamp in Hengelo –‘weggestuurd omdat ik stout was…’- en later in Lochem ontwikkelt hij zijn stijl. “Ik had een tien op mijn eindexamen. Vooral betogend schrijven, lekker doorredeneren.” Via een bekende komt hij op de redactie van Quote. Het zakenblad, waar schrijven over ondernemen tot kunst is verheven, moet voor hem een Walhalla zijn. En inderdaad klikt het: in 2016 wordt hij hoofdredacteur. Als een van de opvolgers van Jort Kelder: “Hij is bijna veertien jaar lang hoofdredacteur geweest, van 1993 tot 2006. Quote was in die tijd een publieksblad. Het waren de gloriedagen van het kapitalisme: de muur was gevallen, het communisme had verloren, de crisis moest nog komen. Er was dat gevoel van ‘we mogen eens laten zien hoe rijk we zijn’. Proleterige figuren die graag op de foto in het blad wilden staan. Jort zegt zelf ook dat het een heerlijke tijd was. Ze deden de hele dag niks anders dan lunchen en zuipen met de redactie. Nou, daarna kwam de crisis. Toen ik in 2016 als hoofdredacteur begon vond ik dat het blad zich sinds het vertrek van Jort te weinig had ontwikkeld. Het was vrijblijvend en deed te neutraal verslag van de wereld van de rijken; misschien wel te bewonderend. Dat is in deze tijd niet meer vol te houden.”

Kasteelkakker
Over Jort Kelder: “Hij had lef, een grote bek, rebelsheid. Het was de tijd waarin iedere rijke een held was. Ik heb iets meer reserves, ben ook niet zo snel onder de indruk. Hij was kind van zijn tijd, ik van de economische crisis. Hij kleedt zich als een dandy, ik ben juist een downdresser. Ik wil juist niet gezien worden als een kasteelkakker, hij wel. Hij geeft het geld makkelijk uit, ik niet, ben aan het bouwen, aan het ondernemen. Maar in zekere zin lijken we natuurlijk ook op elkaar. Ik vind Jort een betere presentator, hij heeft zich niet voor niets vol gestort op de presentatie en het dagvoorzitterschap. Ik zie mijn eigen toekomst anders.”

Hij heeft de afgelopen jaren de koers van Quote verlegd: “Sinds de crisis is ons idee over ondernemerschap, geld verdienen en arm en rijk fundamenteel anders en als Quote moet je daarin mee gaan, daar over schrijven: deze vent vinden wij een voorbeeld ondernemer en deze niet; die verdient geld door waarde te onttrekken, mensen slecht te behandelen of slecht te zijn voor het milieu. Er zijn kanttekeningen te maken bij de manier waarop mensen hun geld verdienen. We hadden met Quote op de oude voet door kunnen gaan maar dan ben je niet meer relevant en zul je ook jonge lezers niet aan je binden.” Dat op de pagina’s luxe en rijkdom worden gevierd en er altijd wel ergens de kurk van een flesje Taittinger vliegt, hoort er nog steeds bij. Schimmelpenninck: “Je moet natuurlijk ook niet al te zuur worden.”

Ingrediënten voor boosheid

Met zijn 35 jaar behoort hij tot de garde der millenials. Een generatie die het moeilijk heeft, oordeelt de hoofdredacteur: “Als Quote geloven we in de selfmade ondernemer, het kapitalisme, in de markt. Maar dan moet het speelveld wel gelijk zijn. Als je geen rijke ouders hebt en geen toegang tot een netwerk, dan wordt het heel erg moeilijk. Dat begint al bij het onderwijs: in de Randstad bepaalt het vermogen van je ouders of je goed onderwijs krijgt. Je werkt op de Zuidas maar een huis kunnen kopen zonder een paar ton van je ouders, vergeet het maar. Zij die wel een vermogende familie achter zich hebben, die beschikken nu al over passief inkomen: een huis wat ze ooit hebben gekocht en verhuren, aandelen, een belegging in het buitenland. De middenklasse heeft dat allemaal niet, heeft geen toegang tot kapitaal, krijgt niet die kansen en zit op achterstand. Daardoor is er vermogensongelijkheid binnen één generatie.” Hij ziet daarin ondermijning van de samenleving: “Ja, want de middenklasse is boos maar niemand heeft een idee waarom! Politici vertellen niet het eerlijke verhaal, de koopkracht staat al jaren stil voor de middenklasse maar niet voor de rijke klasse. We souperen onze grondstoffen op, die belachelijke landbouw braakt stikstof uit en we zijn een lui en verwend volk geworden, dat eigenlijk meer uren moet werken om dit niveau te kunnen blijven handhaven. Allemaal ingrediënten voor boosheid en dat maakt dat ze stemmen voor nog meer oneerlijkheid. Kijk naar Trump!”

Hij besluit zijn tirade met de constatering dat er een groep is die het wél snapt: “En dat is de elite. Die zien echt in dat de koek structureel verkeerd wordt verdeeld. Maar de superrijken zijn cynisch geworden. Ik heb er voor de Quote 500 veel gesproken. Een van die miljardairs zegt dat hij nog nooit zo weinig belasting heeft betaald!”

Twentenaar en Europeaan

De brug over de IJssel geeft Sander Schimmelpenninck het gevoel van thuiskomen. “Altijd een genoegen. Ik voel mij Twentenaar en Europeaan. En Twente is een prettige plek, weg van dat Randstedelijke.” Over de Twentse aard: “Ja, er is een zekere achterbaksheid in de zin van niet zeggen wat je denkt. In de Randstad is dat anders: daar lullen ze er niet zo omheen. En de ondernemer is hier wat conservatiever, maar daar is niets mis mee. In het Westen rammen ze zich op de borst om waarde te creëren. Een Twentse ondernemer denkt in langere termijnen.”

“Kijk, onze Twentse identiteit is sterk, maar de lobby niet. Hoe kan het de trein naar Amsterdam er een half uur langer over doet dat dertig jaar geleden. Hoe kan het dat de A1 pas nu verbreed wordt. Er is nog steeds geen HSL naar Berlijn. En dat vliegveld, dat had prima in Twente gekund. Schiphol kan echt niet meer en vanuit Lelystad vlieg je straks weer eerst het halve land over.”

Belastingontwijkende olijfvreters
Reden genoeg voor de Diepenheimer om verder te kijken dan de landsgrenzen. In Kroatië investeert hij, zij het nog op bescheiden schaal, in vastgoed. “We restaureren enkele panden om er vakantiewoningen van te maken. Er komt nog een restaurant bij. Ik vind dat naast schrijven prachtig om te doen: er ontstaat economische activiteit, mensen hebben een baan. Het is betekenisvol. Bovendien is Kroatië een fantastisch land. Ik hou van Zuid-Europa. Iedereen doet alsof het belastingontwijkende olijfvreters zijn, maar we kunnen er veel van leren.”

En dan is er Zweden dat een grote kans maakt om zijn tweede thuisland te worden. “Mijn vriendin is Zweedse en ik ben er nu al gemiddeld tien dagen per maand. Dat gaat meer worden. In Zweden is alles goed geregeld. Frisse lucht, ruimte, fatsoenlijk mensen, goed ondernemerschap en een gezonde economie.”

Nog twee jaar Quote en dan zal de keuze gemaakt worden, laat hij doorschemeren. Het wordt in elk geval een combinatie van schrijven en ondernemen. En presenteren, want hij zit middenin de opname voor een nieuwe serie Dragons Den. Maar, zo besluit hij, schrijven zal blijven. Onder andere als columnist van De Volkskrant, dat door de linkse signatuur van het ochtendblad niet bepaald de eerste keuze lijkt voor een Quote-hoofdredacteur. “Ik heb vroeger VVD gestemd, maar niet meer. Weet je, mensen noemen iets socialistisch maar in feite is dat liberaal. Gelijke kansen voor iedereen is een liberaal standpunt. Ik ben geëngageerd: als schrijver kun je verhalen vertellen, mensen op ideeën brengen. Ik zit in een bevoorrechte positie want ik spreek veel ondernemende, interessante mensen. Daardoor krijg je economische inzichten en uit die gesprekken kun je wijsheid destilleren. Er zijn nog steeds lessen te leren want je moet voorkomen dat je bevestiging zoekt voor je eigen ideeën. Hoe dan ook wil ik niet in een hokje worden gestopt.”

Tekst: Erwin Gevers
Fotografie: Frank Visschedijk

>
>
>
Jongbloed
Dijks Leijssen
Boers & Lem
Eurorisk
EY
Westerhuis Verhuur