Tattoo toon je niet

Tattoo toon je niet

Stiekem op de huid

Al jaren is de tatoeage bezig aan een onverbiddelijke opmars. Een leven zonder Maori-teken, een tribal of tekst op het vel lijkt onmogelijk. Aangevuurd door profvoetballers, muzikanten en acteurs is de tattoo gemeengoed geworden. En waar het vroeger het domein was van matrozen en gedetineerden is de huidversiering inmiddels doorgedrongen in alle lagen van de bevolking. Ook in het ‘zakelijke segment’. Alleen mag niemand het zien…

Een oproep onder het Twentse topkader om zich bloot te geven met zijn of haar tatoeage bleek hetzelfde effect te hebben als iemand vragen vrijwillig een lobotomie te ondergaan. Slechts een enkeling meldde zich en dan ook nog anoniem. Van naam en toenaam geen sprake, slechts een foto van de tattoo zelf en daarmee was de kous af.

Henk Schiffmacher

De eerste conclusie is dan al gemaakt: een tatoeage laat je niet zien, want in de wereld van meetings, overnames en ander zakelijk gedoe past de inkttekening op de huid kennelijk niet.

We gaan meer meteen te rade bij de Tatoeëerder des Vaderlands, zijne eminentie Henk Schiffmacher die persoonlijk de tattoo in ons land tot grote hoogte deed stijgen. Vanuit zijn wereldberoemde tattooshop aan de Amsterdamse Ceintuurbaan laat hij weten dat de clientèle verandert: “Vroeger tatoeëerde je hoeren, zeelui en criminelen en ik wou dat dat nog zo was. Dat was een leuk publiek. Maar nu zie je hier artsen uit het AMC binnenlopen die zich vol laten tatoeëren. Net als makelaars, advocaten. Iedereen.”

“Nee, natuurlijk ga je niet bij Harry Mens zitten met een arm vol tatoeages. Wie gaat er trouwens wel bij hem zitten… Maar kijk, als je begrafenisondernemer bent, sta je niet bij het graf met een spin hoog in je nek getatoeëerd. Je moet wel je verstand gebruiken voor je iets doet.” Of de werkgever invloed kan uitoefenen op de illustratie is een andere kwestie, zegt Schiffmacher: “ZZP’ers hebben het makkelijk. Die kunnen doen wat ze willen. Maar ja, een werkgever kan natuurlijk niets weigeren. Aan de andere kant: als je een winkel hebt en een van je mensen loopt met een stuk ijzer door de neus schrijlings langs de klanten, tja.”

“Kijk, de tatoeage is een manier van persoonlijke expressie, verbaal communiceren en dus valt het onder de vrijheid van meningsuiting”, aldus de koning, keizer en admiraal van het tatoeage-gilde.

Lagere drempel

De status die Schiffmacher in de wereld van tattoo-artiesten heeft, heeft Michelle Kamphuis nog niet bereikt. De dertigjarige kapster begon er twee jaar geleden mee en opent straks een eigen tattoo-shop in Denekamp. “Ik maakte al mijn eigen ontwerpen en ging daarmee naar een tatoeëerder  in Nordhorn om ze te laten zetten. Hij is op leeftijd en ik ging bij hem in de leer. Ik heb er de beginselen geleerd, maar hij besloot eerder te stoppen. De opleiding heb ik in Oldenzaal afgemaakt. Daar huur ik nu ook een werkplek.” Haar signatuur is deels ‘old school met dikke lijnen en felle kleuren, veel schaduw’. Inmiddels heeft Michelle Kamphuis al heel wat mensen in de stoel gehad. “De drempel is lager komen te liggen. Een tatoeage is niet meer voor een bepaalde doelgroep. Laatst heb ik een mevrouw van 73 jaar getatoeëerd. Prachtig toch! Het zijn ook niet meer alleen de timmermannen en metselaars. In alle beroepen zie je tattoos. Ik denk dat je er verbaasd van staat als zakenmensen hun pak uittrekken en je ziet wat er dan onder zit. En tja, het wordt ook meer en meer geaccepteerd. Ik vind het ook niet aanstootgevend.” Zelf heeft Michelle overal tatoeages, van been tot arm en rug. Het neigt naar een ‘full body sleeve’. “Iedere tattoo is een verhaal, zo moet je het zien. Een herinnering aan een gebeurtenis. Ik vind het een lichaamssieraad, een kunstwerkje op de huid waar je een goed gevoel bij krijgt. Het is heel speciaal als je dat mag doen en daar deel van uit mag maken.” Overigens heeft Michelle af en toe ook bedenkingen. “Nee, ik ga geen racistische tattoos zetten en doe ook geen piercings. Of tattoos op bepaalde lichaamsdelen, dat wil ik ook niet. En ik vraag ook wel eens of ze het zeker weten dat ze een bepaalde tatoeage willen. Maar uiteindelijk is het toch iemands eigen keuze.”

Geen tattoo in het gezicht

Dat geldt ook voor Peter Oosting die rond zijn 25ste zijn eerste tattoo liet zetten. De ondernemer met een eigen steigerbouwbedrijf in Enschede weet het nog: “Een duiveltje. We waren met vier kameraden op vakantie in Honolulu, op Hawaii. Alle vier een tattoo op de schouder, zo gaat dat…” Inmiddels is Oosting 54 jaar en heeft hij meerdere tatoeages op de rug en borst. “Net als bij iedereen geldt: heb je er eentje, dan wil je er meer. Trouwens, dat duiveltje is niet meer te zien. Daar is een andere tattoo overheen gezet.” Met zijn nering in de steigerbouw lijkt het logisch dat de mannelijkheid van dit harde beroep wordt onderstreept met een flinke ‘paintjob’ op het vel. Oosting is terughoudend: “Ja, het zijn geen watjes die dit werk doen. Maar ik hou mijn T-shirt gewoon aan, ook als het snikheet is. En als ik naar een klant moet die ik niet ken, dan blijven de mouwen omlaag. Tattoos op gezicht of in de nek, dat doe ik niet.” Hij schaamt zich overigens niet voor zijn tattoos. “En ik heb er ook geen spijt van. Die tatoeages zijn voor mezelf en ik heb het altijd mooi gevonden.”

Puur kunst

Op de winkelvloer kan het wel eens een precair worden. Getatoeëerde medewerkers kunnen tot discussie leiden. Dat realiseert ook Carla Mandemaker van de speciaalzaak Lingerie by Carla in Borne zich: “Je moet geen extra drempel creëren. Je zit wel met je winkel in Borne. Borne is een warme bad, hoor, maar mijn tatoeages al te openlijk laten zien, nee.” Op haar achttiende verscheen een bloemetje op haar schouder. “Een daad van verzet. Ik wilde anders zijn, nog altijd trouwens. Ik heb nu tattoos op de arm, billen, been, rug.”

“Voor mij is het puur kunst. Iedere tatoeage is een herinnering. Het is voor mezelf. Ik zie mijzelf als een blank canvas en ik mag zelf weten hoe ik dat inkleur.” In haar winkel verkoopt Carla de topmerken in de lingerie-branche. Niet een plek waarin je haar direct plaatst met haar uiterlijk, ondanks het feit dat zij haar tattoos niet laat zien aan klanten. “Ik ben geen gothic of zoiets. Nee, ik houd van mode en fashion, ik hou ervan er verzorgd uit te zien en ik houd zelfs van klassieke muziek. Die tatoeages zijn wie ik ben en omdat ik mij altijd wil onderscheiden. Trouwens, iedereen loopt nu met tattoos. Je kunt beter geen tattoo nemen als je anders wilt zijn…”

Af is haar getatoeëerde huid overigens nog niet. Er moet nog een draak bijkomen op haar rug. “Ik zeg wel tegen jonge mensen: denk er over na voordat je een tattoo neemt. Het moet betekenisvol zijn. Het voordeel: je hebt altijd een plaatje bij je om naar te kijken. Dat was ook toen ik mijn arm net had laten tatoeëren: werd ik ’s nachts wakker en dan schrok ik er zelf van…”

>
>
>
Aysay
EY
Jongbloed
Dag van werkplezier
Vincent Croce Kalenders
Eurorisk
Twentelife Summer Festival
Boers & Lem
Van Deinse Medianieuw